CSP krant

 klik voor versie die geschikt is om zelf af te drukken

 Informatie voor a.s. cliënten over behandeling in CSP Noord, West & Zuid

In deze krant komen ook ex-cliënten aan aan het woord. Een journaliste heeft speciaal voor dit doel interviews afgenomen en deze bewerkt tot korte teksten. Daarna heeft een kunstenaar hierbij de illustraties gemaakt. De namen van de cliënten zijn veranderd. Zij gaven toestemming voor publicatie.

Voorwoord

Je staat op het punt een belangrijke keuze te maken. Een van de opties is een behandeling in het Centrum voor Specialistische Psychotherapie (CSP). Dat is een ingrijpende beslissing want kiezen voor het CSP betekent dat je ruim een jaar de meeste tijd bij ons zult gaan doorbrengen. Om een verantwoorde keuze te maken is het belangrijk dat je goed bent geinformeerd. In deze krant proberen we in begrijpelijke taal uit te leggen wat we doen en waarom we het zo doen. Bestudeer als het even kan ook de website. Daar staat nog meer informatie. Mocht je nog vragen hebben, schroom dan niet ons te bellen.
We zijn in het CSP gewend elkaar bij de voornaam aan te spreken. Dat doen we daarom ook in deze CSP-krant, zoals je al hebt gemerkt.


Het CSP in beweging

Het is alweer jaren geleden dat de psychotherapeutische gemeenschappen De Spiegelberg en Jozef werden samengevoegd in een nieuwe organisatie, het Centrum voor Klinische Psychotherapie (CKP) in Noordwijkerhout. Het CKP bestond uit drie afdelingen (Noord, West en Zuid) toen het centrum in 2000 fuseerde met twee afdelingen van de Jelgersmakliniek te Oegstgeest. Vanaf dat moment zijn Noord, West en Zuid onderdeel van het Centrum voor Specialistische Psychotherapie (CSP) van de Rijngeest Groep. Ze staan nu bekend als de afdelingen voor de behandeling van persoonlijkheidsstoornissen.
Binnenkort zullen alle afdelingen van het CSP gevestigd zijn in Oegstgeest. We zijn daar goed bereikbaar en beschikken over een prachtig nieuw gebouw waarin onze behandelvisie tot uitdrukking komt.
Beweging genoeg dus. Maar dat betekent niet dat we nu rustig achterover kunnen leunen! Het CSP moet in beweging blijven. Het CSP blijft zijn voordeel doen met recente inzichten op haar vakgebied en speelt ook zoveel mogelijk in op de maatschappelijke ontwikkelingen. Daarbij worden echter de verworvenheden uit het verleden niet overboord gezet. Zo blijven wij van mening dat voor een behandeling die gericht is op echte verandering de tijd genomen moet kunnen worden.
Wij hechten sterk aan de veiligheid en de efficiëntie van het op een specifieke doelgroep toegesneden allesomvattend behandelmilieu, dus bij ons geen 'scheiding van wonen en behandelen'.
Het belang van een geintegreerd behandelaanbod door een hecht samenwerkend multidisciplinair behandelteam is niet ter discussie.
Door middel van voortdurende evaluatie van de behaalde behandelresultaten blijven we de kwaliteit van ons werk bewaken.
Op de basis van die uitgangspunten willen wij wel meer differentiatie in de geboden behandeling mogelijk maken. Nu we binnenkort beter bereikbaar zijn kon dagbehandeling alvast worden geïntroduceerd als alternatief voor klinische behandeling en om deze te bekorten en geleidelijker af te ronden. Variaties op het therapiepakket en individuele afspraken bieden de mogelijkheid de behandeling aan te passen aan ieders moeilijkheden en mogelijkheden. Bij het vormgeven van het behandelplan zien wij de cliënt als een onderhandelingspartner die ook zijn gerechtvaardigde eisen en voorkeuren heeft.
Goede voorlichting over wat wij wel en niet kunnen bieden is daarbij natuurlijk een basisvoorwaarde. Deze CSP-krant is vanuit die gedachte gemaakt. Met de keuze voor de naam "krant" willen we aangeven dat het CSP ook in de komende jaren in beweging zal blijven. Liefst in een dialoog met onze verwijzers en bovenal met de mensen die zich aan onze zorgen toevertrouwen.

Tessa (30)

"Individuele aanpak mogelijk"
"Ik ben politieagente van beroep. Twee jaar geleden merkte ik dat mijn lichaam steeds verkrampter werd; ik had continu een hoge spierspanning. Op een dag moest ik totaal verkrampt van de motor worden getild. De dokter gaf me valium om wat te ontspannen, maar al snel werd duidelijk dat het bij mij tussen de oren zat. Ik ben een tijdje in therapie gegaan bij de RIAGG, maar daar kwam weinig uit. Ik wachtte op een doorbraak, een moment waarop ik alles er uit kon gooien wat ik voelde, maar die kwam maar niet. Omdat ik echt helemaal vast zat heb ik maar gekozen voor het CSP."
"Ik ben een type van hard werken, op het dwangmatige af. Zo kwam ik hier ook binnen: ik wilde hard aan mezelf werken. Na twee weken stortte ik helemaal in. De bewoners en het wonen in een groep vond ik leuk, maar de intensiteit van al die contacten braken me op. Achteraf bezien was dat de doorbraak waar ik op gewacht had."
"Ik kom uit een groot gezin, waar veel spanningen waren. Je mocht je zwakke kanten niet laten zien want dat kon tegen je gebruikt worden. Hier leer ik ook mijn zwakke kanten te accepteren en ermee om te gaan."
"Als politieagent kom je regelmatig situaties tegen waarin je je zwakte niet mag laten zien en maak je dingen mee die nog lang in je hoofd blijven spoken. Daarom hebben we ervoor gekozen mijn werk al in een vroeg stadium bij de behandeling te betrekken. Normaal gesproken gebeurt dat pas in de ontslagfase, maar het goede aan het CSP is dat een dergelijke individuele aanpak mogelijk is."

Voor wie?

Noord, West en Zuid zijn bedoeld voor mensen die al langere tijd problemen hebben met zichzelf en anderen en die hard aan zichzelf willen werken. Veel mensen die zich bij ons aanmelden hebben al andere vormen van kortdurende hulpverlening achter de rug, maar willen geen draaideur-cliënt worden. Zij kiezen dan voor een langer durende behandeling die vooral bedoeld is om een stevige basis te leggen voor de toekomst, zodat ze niet steeds opnieuw in de problemen komen. Anderen vinden dat zij met minder intensieve vormen van hulp onvoldoende bereiken en willen meer tijd en moeite in hun toekomst investeren dan bijvoorbeeld in ambulante of alleen deeltijd-klinische behandeling mogelijk is.
Over het algemeen kun je je beter niet aanmelden als je nog midden in een crisis zit, want dan ben je niet in een goede conditie onze intensieve behandeling aan te kunnen. Juist in het begin wordt er veel van je gevraagd omdat je veel mensen leert kennen en moet wennen aan de gang van zaken. Het is beter met een aanmelding te wachten tot je weer in relatief goede doen bent. Je wordt dan ook gemakkelijker in de groep opgenomen. Raak je tijdens een moeilijke fase van de behandeling in een crisis dan is dat veel minder een bezwaar omdat iedereen je kent en je op elkaar kunt steunen.
In het CSP behandelen wij geen psychotische stoornissen en ernstige verslavingen. Onze programma's zijn daarvoor niet geschikt en er zijn betere alternatieven.


Hoe het werkt...

In het CSP krijg je te maken met mensen die veel punten van overeenstemming hebben met jezelf. Dezelfde problemen, veel dezelfde klachten en ervaringen, maar ook vergelijkbare mogelijkheden om te veranderen. Daardoor voel je je snel op je gemak en kun je veel met elkaar uitwisselen. Dat gebeurt dan niet alleen tijdens het therapieprogramma, maar ook tussendoor, tijdens de pauzes en in de avonduren. Omdat je in het CSP samen veel meemaakt loop je al snel optegen dezelfde problemen die je kent uit je leven buiten het centrum. Voor velen is daardoor de periode in het CSP nog een moeilijke tijd. Maar geleidelijk ga je met de hulp van de staf en de andere mensen van de groep meer begrijpen van je problemen, hoe ze ontstaan zijn en hoe ze precies in elkaar zitten. Je leert je blinde vlekken en geijkte patronen kennen waardoor je een nieuwe kijk kunt ontwikkelen op jezelf en anderen. We gaan er in het CSP van uit dat je daarna nieuwe oplossingen zult weten te bedenken en dat je gemakkelijker de beslissingen kunt nemen die bij jouw eigen persoon en situatie passen. Onze behandeling is dus in de eerste plaats er op gericht om dingen duidelijker te maken. Wij kunnen problemen niet voor je oplossen. Wij zijn er niet om je tegen jezelf te beschermen. Het CSP geeft je wel de mogelijkheid van een nieuwe start met een frisse kijk op de toekomst.

Kees (21)

"Niemand wilde meer met me te maken hebben"
"Officiëel studeerde ik, maar eigenlijk was ik de hele dag bezig met blowen, drinken en gokken. Na verloop van tijd liep het totaal uit de hand: ik had enorme schulden en raakte in de war. Ik ben eerst naar de detox gegaan en vorig jaar kwam ik op het CSP terecht. Ik was er ontzettend blij mee, want ik had het idee dat het met mij nooit meer goed zou komen."
"Ik was door mijn omgeving inmiddels volledig uitgekotst. Niemand wilde meer met me te maken hebben. Logisch, want ik heb de raarste dingen uitgehaald om maar aan geld en dope te komen. Nu heb ik voor mezelf weer een perspectief. Ik offer hier twee jaar van mijn leven op, maar als je dat afzet tegen de tijd dat ik klem heb gezeten is dat eigenlijk maar een korte periode."
"De eerste weken vielen me erg mee, ik kan me in een groep doorgaans goed redden. Maar na verloop van tijd valt je masker af en moet je jezelf laten zien. Blowen en drinken was voor mij altijd een manier geweest om mijn gevoel uit te schakelen, want er was altijd iets waardoor ik me niet goed voelde. Ik ben er hier achter gekomen dat ik moeite heb met het aangaan van bindingen, dat ik veel angsten en blokkades heb. Voor het zover was ben ik mezelf menigmaal tegengekomen. Maar de motivatie om hier te blijven was toch groter dan terug te gaan naar mijn oude leven, want dat was helemaal klote."
"Wat ik straks ga doen weet ik nog niet precies. Ik wil graag weer gaan studeren, maar dan echt."

Oost, West, thuis best

Het CSP heeft drie afdelingen met verschillende doelgroepen. Zo is het mogelijk mensen met overeenkomstige zwakke en sterke kanten samen te behandelen. Elke afdeling heeft een eigen huisvesting, behandelstaf en basistherapiepakket. Ook organiseren de afdelingen zelf hun werkgroepen en corvéetaken. Andere zaken zijn juist weer per afdeling anders geregeld en afgestemd op de doelgroep. Zo krijgt elke groep een eigen karakter en sfeer; wij spreken van een "therapeutisch milieu". CSP-Noord, -West en -Zuid hebben respectievelijk 8, 24 en 22 plaatsen.

CSP-Zuid ligt het meest voor de hand als je neurotische problemen hebt, dat wil zeggen dat je steeds in hetzelfde kringetje ronddraait en bent vastgelopen in relaties, opleiding en werk. Vaak staan bij neurotische mensen schaamte en schuldgevoelens op de voorgrond, met als gevolg angsten, lichamelijke klachten en depressies. Het behandelmilieu van CSP-Zuid confronteert je op een speelse manier met de problemen waarvoor je op de vlucht bent en probeert je verborgen talenten naar boven te halen, je wat minder geremd te maken.

CSP-West is een mogelijkheid als je borderline problemen hebt. Dat betekent dat je steeds van het ene uiterste naar het andere schiet, aan van alles begint maar niets afmaakt. Borderliners weten vaak niet goed wat ze aan zichzelf en aan anderen hebben. Daardoor slagen ze er niet in een duidelijke lijn in hun leven te brengen. Hun pogingen toch grip op de situatie te krijgen veroorzaken in hun omgeving veel gedoe. Het behandelmilieu van CSP-West biedt daar wel de ruimte voor, maar heeft ook de mogelijkheid er paal en perk aan te stellen als het te gek wordt. Je leert er beter met allerlei situaties omgaan en krijgt er meer vat op jezelf.

CSP-Noord richt zich op mensen die niet goed zijn opgewassen tegen de intensieve omgang met andere mensen. Je veroorzaakt juist weinig gedoe omdat je geneigd bent je in jezelf terug te trekken, je af te zonderen en je over te geven aan allerlei fantasieën. Het behandelmilieu kenmerkt zich door eenvoud en helderheid. Er is maar een groep en een kleine behandelstaf. Je krijgt er een individuele mentor. Je leert er jezelf te blijven temidden van anderen en meer met hen te delen zonder dat je daarvoor weg moet vluchten.

Bij je start op het CSP word je bij een vaste groep op een van deze afdelingen ingedeeld en als regel blijft dat dan zo gedurende de rest van je behandeling tot aan de ontslaggroep. Je leert daardoor iedereen goed kennen, raakt vertrouwd met de manier waarop alles gaat en je kunt daardoor optimaal gebruik maken van de mogelijkheden.


Basispakket & keuzetherapie

Als je wordt behandeld in een van de afdelingen Noord, West of Zuid ligt meteen vast welke therapievormen in je zogenaamde basispakket zitten. Op alle afdelingen sociotherapie, psychotherapie en psychomotorische therapie. De manier waarop die therapieën worden ingevuld is uiteraard afhankelijk van de afdeling. De vierde therapie in het basispakket verschilt per afdeling. Voor Noord en West is dat beeldende creatieve therapie en voor Zuid dramatherapie. Deelname aan deze programmaonderdelen is verplicht. Alle therapieën worden in groepsverband bezocht, steeds in dezelfde samenstelling van de groepen. Alleen in Noord zit er naast groepspsychotherapie ook individuele psychotherapie in het basispakket.
De aanwezigheid van dit basispakket, dat voor iedereen binnen het milieu hetzelfde is en waarvan je gezamenlijk gebruik maakt, is van groot belang. Je maakt binnen deze therapieën samen veel mee waarop je in 'vrije' tijd verder zult borduren. Omgekeerd heb je in deze therapieën de kans juist dingen uit te praten of uit te werken waar je de rest van de dag tegenop bent gelopen.
Naast de therapie in het basispakket krijg je elke drie maanden de gelegenheid twee therapieën zelf uit te kiezen. Je hebt daarbij de keus uit een tiental mogelijkheden. Deze therapieën worden gegeven in de vorm van een cursus. Ze zijn speciaal gericht op een bepaald thema, op een bepaald probleem of hebben te maken met de fase van je behandeling. Elke drie maanden wordt het aanbod gedeeltelijk herzien. Wij noemen dat het keuzepakket.

Daan (21)

"Ik had prachtige theorieën over mezelf"
""Ik had er een behoorlijke puinhoop van gemaakt. Ik was van mijn opleiding af getrapt en mijn vrienden konden me niet meer luchten of zien, want ieder gesprek met hen eindigde in ruzie. Ook de band waar ik in speelde, waar ik altijd helemaal voor ben gegaan, was uit elkaar gevallen. Ook mijn schuld, ja."
"Na een paar agoochelaars bezocht te hebben werd me duidelijk dat ik realiteit en fantasie vermeng en geen balans kan vinden tussen denken en doen. Nu ik op die periode terugkijk zie ik zelf ook wel dat er met mij zoiets aan de hand was."
"Ik zit nu vier maanden in het CSP. Hier komen was wel een cultuurshock. Ik moest me maar zien te redden tussen allemaal mensen die ook problemen hebben, want het is hier een soort Center Parcs voor kansarme mensen. Ik word hier voortdurend geconfronteerd met de dingen waar ik altijd voor op de loop was. Ik had prachtige theorieën over mezelf, maar erover praten kon ik niet. Dat gaat nu wel iets beter, maar echt leuk is het niet."

De groep & jij

Bijna alle activiteiten in het CSP vinden in groepsverband plaats. Dat betekent nog niet dat je een "groepsmens" moet zijn als je voor behandeling in het CSP kiest. Bijna iedereen vindt het in het begin moeilijk om in een groep te functioneren, vooral als je hiervoor misschien heel lang eenzaam op een kamer hebt gezeten, of als je tijdens school, werk of studie slechte ervaringen met groepen hebt opgedaan. Toch vinden wij het nodig om het accent sterk op het leven en werken in groepen te leggen, want alleen zo kan een heel intensieve behandeling worden gerealiseerd. Je kunt op die manier leren hoe je door anderen word ervaren, hoe je steeds geneigd bent met anderen om te gaan. Je kunt in een groep ook leren voor jezelf te kiezen en je eigen belangen te verdedigen. Soms zul je misschien een tijdje met de groep overhoop liggen en iedereen naar de maan wensen. Maar op de momenten dat je het moeilijk hebt kan de groep je ook opvangen en je zorgen met je delen, beter dan een therapeut dat zou kunnen. Natuurlijk zijn er naast de groep nog een heleboel mogelijkheden voor individuele contacten. In de eerste plaats maak je al gauw vrienden onder elkaar, je kunt gesprekjes voeren met een sociotherapeut die tussen de bedrijven door altijd wel even beschikbaar is. Je kunt spreekuren bezoeken. Misschien krijg je wel een tijdje individuele therapie. Maar: het is dan wel weer de bedoeling dat je in de groep over die individuele contacten wat vertelt. Wat, wanneer en hoeveel bepaal je zelf.


Onderhandelen over je behandeling

In het CSP ben je niet zomaar overgeleverd aan de luimen van staf en groep. Je hebt zelf ook heel wat in te brengen! Natuurlijk moet je je houden aan een aantal regels die voor iedereen gelden, maar over je behandeling valt verder nog heel wat te 'onderhandelen'. Daarbij moet je denken aan zulke zaken als het kiezen van de keuzetherapieën naast het basispakket. We vinden je voorkeur heel belangrijk, maar zullen je keuze wel kritisch begeleiden. Zo wordt gekeken of de doelen die je met die keuzetherapie wilt bereiken realistisch zijn. Je moet het daarover zien eens te worden met de betreffende therapeut alvorens er begonnen kan worden. Wij zullen je adviezen geven over welke activiteiten je zou kunnen kiezen, maar als we je niet kunnen overtuigen, dan ben je niet verplicht te doen wat wij zeggen. Soms zullen de leidinggevenden van de afdeling het nodig vinden in aanvulling op de algemeen geldende huisregels individuele afspraken met je te maken. Dat kan nodig zijn als je gedrag een ernstige bedreiging vormt voor je gezondheid of voor het slagen van de behandeling. Wij noemen dat een "behandelkader". Bij de onderhandelingen over dat behandelkader gaan we ervan uit dat je op dat moment onze bondgenoot bent die samen met ons gaat proberen je problematische gedrag in goede banen te leiden. Andere onderwerpen van onderhandeling kunnen bijvoorbeeld zijn: individuele therapie, gezinstherapie, het gebruik van medicijnen en het vaststellen van je ontslagdatum. Onderhandelen betekent dat met jouw specifieke (on-)mogelijkheden zo goed mogelijk rekening kan worden gehouden. Wij zullen daarbij ook onze grenzen van wat haalbaar en verantwoord is steeds aangeven. Het resultaat van alle onderhandelingen wordt vastgelegd in je behandelplan. Zo weten we samen waaraan we toe zijn.

Henriëtte (34)

"Alles is therapie."
"Ik ben vier jaar geleden afgestudeerd. In mijn vakgebied was het moeilijk werk te vinden, dus heb ik me laten omscholen tot computer-programmeur. Ik kon een baan krijgen in Den Haag, dus ben ik daarheen verhuisd. De eerste twee jaar daar heb ik eigenlijk alleen maar gewerkt, privé kwam ik helemaal niet meer verder."
"Omdat ik merkte dat ik het moeilijk vond contacten te leggen, ben ik in therapie gegaan. Maar het effect was averechts: ik werd zo depressief en suïcidaal dat ik in een crisiscentrum belandde. Van daaruit werd ik doorverwezen naar het CSP."
"Hier is alles therapie, ook het wonen zelf. Het lijkt op het wonen in een studentenhuis, maar eigenlijk is het een soort snelkookpan. Alles wat je in het normale leven in tien jaar meemaakt, komt hier in een week voorbij. Soms is het ontzettend leuk en staan we met zijn allen op de tafels te dansen, soms loopt iedereen zich aan elkaar te ergeren."
"Het meest heb ik moeten wennen aan de groepstherapie. Je kunt op elk moment onderbroken worden en er wordt ook verwacht dat je reageert op verhalen van anderen. Die enorme angst om in het bijzijn van anderen over mezelf te praten ben ik nu wel kwijt. Ik durf gewoon mee te doen. Angst is iets wat je tot op zekere hoogte af kunt leren. Ik weet inmiddels dat ik mijn eenzaamheid kan oplossen door zelf op mensen toe te stappen. Ik heb geleerd dat soort gevoelens toe te laten in plaats van ze te vermijden."

Oriënteren en aanmelden

Je kunt de zogenaamde 'intake' verdelen in een aantal fasen.

Eerst de oriëntatiefase. Die begint meestal doordat je van een behandelaar het advies hebt gekregen eens na te denken over klinische psychotherapie. Misschien kreeg je toen wel deze krant mee en misschien ook folders van andere instellingen. Lees alles goed door en kijk vooral of wat daarin staat je aanspreekt. Bel ons gerust op om uitleg te vragen. Ook bestaat de mogelijkheid van een oriëntatiebezoek aan het CSP. Bel ons op en vraag wanneer de eerstvolgende mogelijkheid is om langs te komen. Je krijgt dan van een staflid uitleg over de behandeling en je kunt vragen stellen. Wij van onze kant hoeven van jouw achtergronden dan nog niets te weten. Er is geen bezwaar tegen dat je je op deze manier tegelijk bij meerdere klinieken informeert.

Als je denkt dat het CSP wat voor je is, dan kun je je schriftelijk bij ons aanmelden. De aanmeldingsfase begint dan. Wij verwachten van jou een brief waarin je schrijft welke problemen je hebt, welke vormen van behandeling je al hebt gehad en wat je graag zou willen veranderen. Een korte beschrijving van de belangrijke perioden in je levensgeschiedenis wordt op prijs gesteld.
Van de behandelaar die je verwijst willen wij ook graag informatie ontvangen en wel met name waarom je bent verwezen voor klinische psychotherapie of psychotherapeutische dagbehandeling. Oude ontslagbrieven en onderzoeksverslagen vormen voor ons een belangrijke aanvulling.
Als wij nog niet genoeg gegevens hebben dan sturen wij je een informatieformulier dat je moet invullen en terugsturen. Je geeft ons daarmee toestemming om elders gegevens op te vragen. Wij proberen de aanmeldingsfase natuurlijk zo kort mogelijk te houden maar zijn daarbij wel afhankelijk van de snelheid waarmee de gegevens ons bereiken.
Wij vinden trouwens dat je je beter niet bij een aantal klinieken tegelijk kunt aanmelden. Als ons blijkt dat je je ook elders hebt aangemeld dan schorten we de procedure op totdat je overeenstemming hebt bereikt over al of niet in behandeling gaan bij die andere kliniek.

Na bestudering van alle stukken berichten wij je of je of de intakeprocedure wordt voortgezet met de kennismakingsfase. De mogelijkheid bestaat dat je eerst wordt uitgenodigd voor een 'indicatiegesprek' met een van de psychiaters of psychologen. Dat doen wij wanneer wij nog onvoldoende duidelijkheid hebben gekregen uit de schriftelijke gegevens. Meestal volgt echter meteen een uitnodiging voor een kennismakingsdag op de afdeling van het CSP die ons het beste bij jou lijkt te passen. Je maakt die dag kennis met enkele bewoners en stafleden en er wordt psychologisch testonderzoek gedaan. Enkele dagen later krijg je de uitslag al. In sommige gevallen volgt er nog een tweede kennismakingsdag op een andere afdeling van het CSP. Bedenk bij dit alles dat het om een wederzijdse kennismaking gaat. Het is erg belangrijk dat wij denken met jou aan de slag te kunnen, maar omgekeerd ook dat jij denkt met bewoners en staf te kunnen samenwerken.
Als je wat ons betreft bent aangenomen krijg je meteen te horen wanneer je kunt beginnen. Dit is uiteraard afhankelijk van het vrijkomen van een plaats op de gekozen afdeling. Als er onverhoopt een lange wachttijd is, dan kun je gebruikmaken van de de mogelijkheid van onze poliklinische introductiegroep, waarin je op de behandeling wordt voorbereid. Er gaat daardoor zo min mogelijk tijd verloren.
Natuurlijk kun je je ook op ieder moment uit de intakeprocedure terugtrekken. In dat geval stellen wij het op prijs om van je te horen waarom. Misschien kunnen we jou en je verwijzer dan nog laten profiteren van onze bevindingen en is al je moeite niet voor niets geweest.

Martin (23)

"Geen luilekkerland, wel de tijd van mijn leven."
"Het ging eigenlijk al jaren slecht met me. Op de middelbare school kon ik me goed handhaven, mijn sociale contacten met klasgenoten verliepen vrij normaal. Pas als mensen me beter leerden kennen merkten ze dat er iets mis was. Ik at en sliep onregelmatig en had allerlei morbide fantasieën. Ook ging ik steeds vaker zwerven: zomaar met de trein mee, weg van iedereen."
"Vervolgens ben ik psychologie gaan studeren. Daar schrok ik ontzettend van alles wat ik herkende: overal bleek een naam voor te zijn. Toen ik vervolgens ontzettend depressief werd ben ik naar de huisarts gestapt. Via hem ben ik terecht gekomen bij de RIAGG en uiteindelijk bij het CSP."
"Tijdens de behandeling ging er een boek voor me open. Mijn depressies bleken terug te voeren op de situaties thuis, met een dominante moeder en een teruggetrokken vader. Ik heb hier bovendien ontdekt dat ik als klein kind seksueel misbruikt ben door een buurman. Daardoor was ik als kind heel angstig en zocht ik bij het minste of geringste bescherming bij mijn moeder. Achteraf bezien heb ik eigenlijk nooit een eigen leven gehad, nooit zelf beslissingen genomen."
"Aan de ene kant heb ik hier de tijd van mijn leven gehad, want er is altijd iemand die zin heeft in een geintje. In zekere zin heb ik hier mijn puberteit ingehaald. Maar het is hier geen luilekkerland. In therapie gaan betekent twee jaar lang dan in dag uit met jezelf bezig zijn en samenleven met mensen die je niet zelf hebt uitgekozen. Het was hard knokken om mezelf een plek te verwerven. Een tijdlang heb ik me heel verlaten gevoeld, pas langzamerhand heb ik geleerd me te uiten." "Het goede van het CSP is dat ze je er niet behandelen als een ziek persoon, maar juist een beroep doen op je goede kanten. Zo word je bijvoorbeeld geleerd verantwoording te nemen voor de kas en voor het huishouden."
"Ik ben nu ruim een half jaar geleden met ontslag gegaan. Dat vond ik wel eng want het is nu eenmaal geen leuke binnenkomer om te vertellen dat je de afgelopen twee jaar in therapie bent geweest. Maar ik was er klaar voor om mijn eigen leven te gaan opbouwen. Nog steeds ben ik niet de meest positieve mens op aarde, maar ik weet het nu van mezelf en heb er mee leren leven. Hetzelfde geldt voor mijn verleden: wat gebeurd is kan ik niet veranderen, maar wel de manier hoe ik ermee omga."

Behandelplan nieuwe stijl

We maken met iedere cliënt van het CSP een zeer uitvoerig individueel behandelplan. Hierin wordt o.a. het gekozen behandelprogramma (Noord, West of Zuid) beschreven, de probleeminventarisatie bij aanvang van de behandeling, de doelstellingen van de behandeling als geheel en meer specifiek de doelstellingen in de komende periode. Ook het therapiepakket (basispakket en keuzepakket) en de eventuele kaderafspraken voor de komende periode worden vermeld. Ook de doelstellingen en plannen voor de komende periode per therapie worden beschreven. Dit alles wordt vastgelegd op enkele A4-tjes en ondertekend door cliënt en programmacoördinator. De cliënt krijgt een kopie.
Gemiddeld om de drie maanden wordt het behandelplan geëvalueerd. In deze evaluatie wordt vastgelegd wat er van het behandelplan terecht is gekomen. Ook van dit verslag krijgt de cliënt een exemplaar. Daarna wordt er weer een nieuw behandelplan gemaakt. Tegen het einde van de behandeling wordt deze ook in zijn geheel geëvalueerd. Daarna volgt er nog een advies over eventuele nazorg.

Partnergroep

Al vele jaren bestaat er voor partners van mensen die in het CSP worden behandeld een gespreksgroep, de z.g. partnergroep. In deze groep ontmoeten degenen die dat willen elkaar eenmaal in de zes weken. Zij kunnen onderling ervaring uitwisselen en krijgen informatie over de gang van zaken in het CSP. De deelnemers geven vaak aan dat ze er veel aan hebben en voor de bij ons behandelde cliënten is het een plezierig idee dat hun partner ook zijn verhaal kwijt kan.

Anja (32)

"Ik heb mezelf aardig weten te redden."
"Ik kom uit wat je noemt een probleemgezin. Er waren zes kinderen waarvan twee buitenechtelijk, pa was meer de hort op dan thuis en er was altijd geldnood. Mijn moeder heeft mij geprostitueerd van mijn achtste tot mijn zestiende. Ik weet dat mijn verhaal nogal lijkt op dat van Yolanda uit Epe, maar dat soort dingen gebeuren dus echt."
"Op mijn zestiende ben ik het huis uit gevlucht. Ik kreeg al gauw een vriend en ben gaan samenwonen. Aanvankelijk ging het vrij goed. Ik vond werk als administratief medewerkster en later als intercedente voor een uitzendbureau. Zo'n vijf jaar geleden liep mijn relatie stuk. Mijn vriend was vreemdgegaan en daarmee stortte mijjn hele wereld in. Ik vertrouwde niets en niemand meer. Ik durfde niet meer naar buiten, kreeg angstdromen en begon allerlei zelfmoordplannen te maken."
"Uiteindelijk belandde ik op het CSP. Leven in een groep was voor mij afgrijselijk, want ik vertrouwde helemaal niemand. Ik had als overlevingsstrategie dat de aanval de beste verdedigng was, dus ik was uiterst dominant. Ruzie zoeken was mijn wapen. Dat venijnige heb ik nog steeds wel, maar niet meer dat onbeheerste."
"Tweeënhalf jaar geleden ben ik met ontslag gegaan. Sindsdien heb ik me aardig weten te redden. Ik volg nog steeds een individuele therapie, want die herkenning is voor mij nog altijd heel belangrijk. Maar ik sta er anders tegenover dan vroeger. Toen vond ik mezelf abnormaal, nu niet meer. Ik heb iets extreems meegemaakt en dus is het heel normaal dat ik daar zo op heb gereageerd."
"De kunst is een manier te vinden om met de wereld om te gaan, die voor jezelf bevredigend is. Ik zit nog steeds in de WAO. Een vaste baan wil ik niet meer, want ik weet dat ik niet tegen die druk ben opgewassen. Ik doe wel veel vrijwilligerswerk. De komende jaren wil ik graag kinderen, daar ben ik mezelf langzaam op aan het voorbereiden. Een hoger doel dan dat heb ik niet meer. Ik wil doen wat ik goed vind en niet wat de maatschappij me oplegt."

10 vaak gestelde vragen


Vraag 1: Hoe is het met de privacy? Moet ik alles in de groep vertellen? Krijg ik een eenpersoons kamer? Mag ik naar huis bellen?

Antwoord: Veel privacy is er niet in het CSP want er wordt van je verwacht dat je bereid bent jezelf ter discussie te stellen en de groep bemoeit zich overal mee. Natuurlijk mag je wel je grenzen aangeven als je iets nog niet aankunt. Bijna alle kamers zijn eenpersoons. Twee kamers delen een badkamer met eigen toilet en douche. Het rooster biedt voldoende ruimte om je af en toe terug te trekken. Natuurlijk mag je (op eigen kosten) naar huis bellen. Elke afdeling heeft een telefooncel.


Vraag 2: Hoe is het met weekends en vakanties geregeld?

Antwoord: Er wordt van je verwacht dat je het weekend in je eigen omgeving doorbrengt en daar de noodzakelijke sociale contacten onderhoudt. Wij vinden het daarom belangrijk dat je in het weekend en in vakanties over een eigen huisvesting kunt beschikken. Je krijgt bij ons vakantie rond feestdagen en in de zomer. Dit wordt op de afdeling met je afgesproken. We vinden het namelijk belangrijk dat je ook in je eigen omgeving dingen meemaakt die je bij ons kunt bespreken.


Vraag 3: Hoe staan jullie tegenover gebruik van medicijnen? Moet ik hiermee stoppen als ik word opgenomen? Mag ik medicijnen weigeren?

Antwoord: Wij zien het gebruik van medicijnen niet als een principiële zaak. We beschouwen medicijnen in het CSP als een hulpmiddel om in een goede conditie van onze therapieën te kunnen profiteren. Bij opneming gebruikte psychofarmaca worden bij voorkeur nog enige tijd voortgezet en als men een beetje aan het CSP gewend is wordt gekeken of en hoe voortzetting noodzakelijk is. Soms is het gebruik van lithium, een middel tegen manisch-depressieve stoornissen, onzerzijds een voorwaarde om aan de behandeling te beginnen. Hierover wordt dan in de intakefase een afspraak gemaakt. Als tijdens de behandeling naar het oordeel van de psychiater medicatie nodig is, dan zal hierover met je worden "onderhandeld".


Vraag 4: Worden mijn ouders of partner bij de behandeling betrokken? Kan ik dat ook weigeren?

Antwoord: Wij nemen nooit contact op met je familie of vrienden zonder je uitdrukkelijke toestemming vooraf. Over de wenselijkheid van relatie- of gezinstherapie wordt "onderhandeld". Uiteraard kun je een dergelijke behandeling weigeren, tenzij daardoor de voortgang van je totale CSP-behandeling stagneert.


Vraag 5: Waarom duurt de behandeling zo lang? Kan ik niet korter blijven?

Antwoord: Inderdaad duurt de behandeling lang. Er moet in die tijd ook heel wat gebeuren aan problemen die al heel lang bestaan, niet alleen opppervlakkig maar ook diep van binnen. Daarvoor is nu eenmaal tijd nodig. Het vliegt trouwens om, zegt iedereen.
De (dag)klinische behandelduur is nu op Noord en West maximaal 18 op Zuid maximaal 13 maanden. Daarna volgt nog 3 maanden ontslaggroep, een dag per week.


Vraag 6: Ik woon niet in de buurt van het CSP. Kan ik toch bij jullie in behandeling en hoe moet dat dan met de dagbehandeling?

Antwoord: Het CSP heeft als gespecialiseerd centrum een bovenregionale functie, dus iedereen kan zich aanmelden. Voor dagbehandeling is een uur reistijd meestal geen bezwaar.



Vraag 7: Kan ik mijn huisdier meenemen?

Antwoord: Het houden van huisdieren is bij ons niet toegestaan, behalve misschien een goudvis of zo. Er zijn in de omgeving wel mogelijkheden viervoeters onder te brengen, maar dit zal dan op eigen kosten moeten gebeuren.


Vraag 8: Wie betaalt de behandeling en de reiskosten?

Antwoord: De kosten van de behandeling worden gedekt door de de AWBZ, mits je in Nederland tegen ziektekosten bent verzekerd via ziekenfonds of particuliere ziekteverzekering. De reiskosten worden niet door alle verzekeraars vergoed of verrekend met een eigen bijdrage, afhankelijk je persoonlijke situatie.


Vraag 9: Is er bij jullie specifieke aandacht voor vrouwenhulpverlening?

Antwoord: Seksespecifieke therapie is geen onderdeel van het basispakket, maar de keuzetherapieën bieden hiervoor diverse mogelijkheden. Overigens ook voor mannen.


Vraag 10: Krijg ik er bij het zoeken van een baan geen last mee dat ik in het CSP opgenomen ben geweest?

Antwoord: Gedurende het laatste half jaar van de behandeling wordt je begeleid bij de arbeidshervatting. Onze indruk is dat deze bemoeienis een gunstig effect heeft op het vinden of behouden van geschikt werk.

Moniek (28)

"Ik heb erg mijn best moeten doen om hier binnen te komen."
"Zolang ik me kan herinneren heb ik altijd stemmen gehoord en gesprekken met mezelf gevoerd. Lange tijd was ik er zelfs van overtuigd dat dit volstrekt normaal was, tot ik zoveel stemmen hoorde dat ik het huis niet meer uit durfde en steeds meer geïsoleerd raakte. Het liep volledig uit de hand: ik kreeg anorexia en heb ook enkele zelfmoordpogingen gedaan. Via de RIAGG ben ik toen terecht gekomen bij het CSP."
"Ik heb erg mijn best moeten doen om hier binnen te komen. Ik moest bewijzen dat ik er voor gekozen had om te blijven leven. Dat was niet eenvoudig, maar achteraf bezien wel goed. Daardoor moest ik die keuze ook heel bewust maken. Het verblijf hier is heel zwaar. Je krijgt doorlopend kritiek of een schop onder je kont, maar er is ook op zijn tijd een knuffel. Ook leer je bij iemand uit te huilen. Toen ik hier binnen kwam had ik totaal geen zelfvertrouwen en kon ik nooit nee zeggen. Dat gaat nu stukken beter."
"In de kliniek ben ik gaan begrijpen waar die stemmen vandaan komen. In mijn kindertijd ben ik seksueel misbruikt. Daar ben ik destijds voor behandeld door de schoolpsycholoog, maar blijkbaar was dat niet afdoende."
"Ik heb nu nog drie maanden te gaan. Eerlijk gezegd boezemt de gedachte hier weg te moeten me nog behoorlijk wat angst in, maar ik denk dat ik het aan kan. Bovendien heb ik er zin in om mijn eigen leven in te gaan richten."

 klik voor versie die geschikt is om zelf af te drukken